De route wordt duidelijk aangegeven op een houten wegwijzer. De eerste vijfentwintig minuten gaan via een breed bospad. We lopen door een poort van berkenbomen en de grond onder de bomen is bezaaid met varens. Af en toe ruiken we een zware, zoete geur, die uit de berm lijkt te komen. Bij thuiskomst leren we dat het gaat om de moerasspirea (Filipendula ulmaria), die in juni en juli volop bloeit met grote, witte pluimen.
Het pad wordt langzaamaan smaller en bergachtiger. Door de rivier Ars, die hier zijn weg zoekt tussen rotsblokken, is de luchtvochtigheid hoog en dat is te zien aan de hoeveelheid mos die hier groeit.
Wanneer er tussen alle begroeiing een opening ontstaat, zien we in de verte al het water van de Cascade d'Ars schitteren in de zon. Het is een mooi lokkertje, waar eerst nog even voor gewerkt moet worden. De tweede helft van de wandeling gaat namelijk stevig omhoog door het bos. Na anderhalf uur wandelen komen we bij een flinke steen die dienstdoet als uitzichtpunt op de waterval. We keren hier echter nog niet om, maar lopen nog een stuk door tot we onderaan de waterval komen. Dit is het mooiste uitzichtpunt! Bovendien is dit een heerlijke lunchplek. De kleine waterdruppeltjes die van de waterval afspatten zijn een gewilde verkoeling op deze warme dag. We genieten dan ook bijna een uur van deze plek, voordat we via dezelfde weg terugkeren.
Tip: Een andere populaire terugweg is de route langs het Étang de Guzet. Dit meer staat al aangegeven bij de waterval. Door middel van een rondwandeling kom je weer bij de parkeerplaats terug.